Waarom moeten honden naar een trimsalon en welke trimtechnieken horen daarbij

In feite is voor bijna iedere hond een regelmatig bezoek aan de trimsalon aan te raden. Ook kruisingen, gladharige honden en kortharige honden kunnen verschrikkelijk verharen! Welke trimbehandeling wij geven, hangt natuurlijk af van het ras/kruising en de daarbij behorende vacht van uw hond, maar onder trimmen verstaan wij het plukken, uitdunnen (effileren), knippen, scheren, ontwollen, borstelen, kammen, ontklitten, wassen en föhnen; kortom het behandelen van de vacht. Verder maken we als extra’s de oren schoon, worden de haren in de oren verwijderd, knippen we de nagels en kijken wij de anaalklieren na. Indien noodzakelijk knijpen wij ook de anaalklieren uit. De trimbeurt wordt afgesloten met een algehele inspectie van de huid, vacht en conditie. Hieronder worden alle onderdelen, die betrekking hebben op diverse trimtechnieken, uitgelegd.

Plukken
Honden met een pluk vacht hebben meestal een zachte, wollige ondervacht met een bovenlaag van harde, draadachtige haren. BouviersSchnauzers, de meeste terriër rassen en alle overige ruwharige honden komen hiervoor in aanmerking. Bij het plukken wordt het de bovenste dode haarlaag met de hand (of een trim mes) verwijderd, zodat de nieuwe vacht alle ruimte krijg om zich optimaal te ontwikkelen. Dit gebeurt uiteraard alleen wanneer de vacht plukrijp is. De pluk methode is vrij arbeidsintensief. Het loszittende dekhaar wordt plukje voor plukje met wortel en al verwijderd. Wanneer u dit zou nalaten, loopt u het risico dat uw hond jeukklachten krijgt, zich gaat stukbijten en bij de dierenarts terecht komt. Vroeger was het de gewoonte om een hond tweemaal per jaar helemaal kort te plukken, tot op zijn “onderwolletje”. Tegenwoordig wordt vaak geadviseerd om de hond te laten strippen.

Effileren
SpaniëlsSetters en Retrievers worden met een speciaal getande schaar uitgedund (effileren) en gemodelleerd. Effileren is het uitdunnen of inkorten van de vacht, op een natuurlijke ogende manier. Het resultaat is wat natuurlijker dan met een rechte schaar. Hiervoor gebruik je een effileerschaar (uitdunschaar). Effileren doet men om:

  • de overgang van lang naar kort haar natuurlijker te laten verlopen
  • scherpe en strakke geknipte lijnen te vervangen
  • een gedeelte gladder te laten lijken
  • een gedeelte korter te maken

Effileren doe je altijd met de haarrichting mee of tegen de haarrichting in. Nooit dwars op de vacht knippen, want dan ontstaan er strepen die je niet zomaar meer weg kan werken. Welke trimtechnieken op u hond van toepassing is, is dus afhankelijk van zijn vachtsoort. Vaak worden dan ook diverse trimtechnieken met elkaar gecombineerd.

Knippen en scheren
Poedels en honden met hetzelfde vachttype worden geschoren en/of geknipt in elk gewenst model. Onder knippen verstaat men de vacht inkorten op de gewenste lengte, met behulp van een rechte schaar. Om een strak mogelijk resultaat te krijgen, is het belangrijk dat je een goede techniek hebt. Dit houdt in dat je de schaar zo stil mogelijk houdt en toch een goede knipbeweging maakt. Als je de schaar niet stil houdt tijdens het knippen, ontstaan er gaten en happen. Het is een moeilijke techniek die je na heel veel oefenen pas kan beheersen.

Scheren is het inkorten van de vacht met behulp van een tondeuse. De lengte van de vacht die overblijft, is afhankelijk van de scheerkop die je gebruikt. Er zijn verschillende maten scheerkoppen die verschillende haarlengtes scheren. Er zijn twee manieren om te scheren, namelijk:

  • tegen de haarrichting in: dit geeft het meest regelmatige resultaat; het wordt gladder en strakker
  • met de haarrichting mee: het resultaat is vrij natuurlijk


Ontwollen

Rassen die ontwold worden zijn onder andere Berner SennersGolden Retrievers, Chow Chow, Herders en honden met hetzelfde vachttype. Ze eerst gewassen, geföhnd, ontwold en in model gebracht. Honden met een kortharige vacht, zoals de Labrador, die niet goed door de rui komen, kunnen bij ons terecht voor een verharingsbehandeling. Voor en na het wassen worden alle losse haren verwijderd.

Ontwollen doe je vooral bij honden met een stokhaar vacht. Wanneer ze in de rui zijn, kun je ze “helpen” door zo snel mogelijk onderwol uit de vacht te kammen. Na het ontwollen is het belangrijk om de vacht een tijdje met rust te laten, zodat er weer een nieuwe laag onderwol kan ontstaan.

Borstelen
Borstelen is goed voor de band tussen de eigenaar en de hond. Het is een bevestiging van de rangorde. Lange vachten borstel je in laagjes van onder naar boven met bijvoorbeeld een universeel- of pennenborstel. Kortharige rassen borstel je met een rubberen borstel. Borstelen doet men om:

  • talg te verdelen over het gehele haar- en huidoppervlak. Talg bevat een bacterie dodend middel en beschermd de huid en de haren tegen uitdroging, vuil en andere infecties
  • de huid te masseren (dit zorgt ervoor dat de huid in goede conditie blijft)
  • te controleren op wondjes, bultjes, parasieten en dergelijken
  • dode en loszittende haren te verwijderen
  • vuil te verwijderen

Kammen
Met het kammen werk je altijd in laagjes van de huid af en van onder naar boven. Zodat je zeker weet dat je geen stukjes overslaat. Kammen doet men om:

  • het haar wijd uiteen te laten staan, het zogenaamde “opkammen” (altijd van onder naar boven)
  • na het borstelen te controleren of er nog klitten aanwezig zijn
  • de onderwol, welke loslaat, makkelijker te verwijderen
  • eventuele parasieten op te sporen en te verwijderen

Ontklitten
Ontklitten doet men op plaatsen waar veel klitvorming voorkomt en waar dus snel klitten ontstaan. Plaatsen waar over het algemenen snel klitten ontstaan zijn:

  • binnenzijde dijbeen en liezen
  • achter en onder de oren
  • in de snor en de baard
  • oksels
  • buik

De klitten kun je eruit krijgen door middel van borstelen. Borstel met daarvoor bestemd materiaal, zoals de zogenaamde klittenkam. De huid moet bij het ontklitten altijd goed strak gehouden worden, zodat je de huid zo min mogelijk beschadigd met de materialen die je gebruikt. Als een hond helemaal “vervilt” is, dat wil zeggen klitten tot op de huid over de gehele hond, zit er echter nog maar één ding op: kaalscheren. Dit is dan de enige manier om de hond op een zo snel mogelijke en vooral pijnloze manier van zijn klitten af te helpen.

Heeft u nog vragen over borstelen en kammen? Kom dan gerust langs. Wij laten u graag zien hoe het best gekamd en geborsteld kan worden. Ook geven wij u graag advies over welke materialen u hiervoor het beste kunt gebruiken. Het is in uw, uw huisdier en in ons voordeel; een goed onderhouden vacht is namelijk een plezier om te trimmen.

Extra informatie betreft verzorging Bij de aanschaf van een hond wordt dikwijls wat te makkelijk gedacht over de verzorging van de vacht. De keuze voor een bepaald ras wordt vaak gemaakt op het uiterlijk van de hond. Wanneer er een pup in huis komt, is het uw taak om met borstelen en kammen te beginnen. Hoe eerder uw hond hier aan went, des te makkelijker dit is voor in de toekomst. Jong geleerd is nog altijd oud gedaan. Natuurlijk valt er nog niet veel te kammen en te borstelen, maar de hond moet leren dat hij op zijn rug en zij wordt gelegd en u zijn buik en oksels mag borstelen. Het is in zijn of haar eigen voordeel: de hond krijgt geen klitten en een goed onderhouden vacht is een plezier om te toiletteren.

Een hond die weinig of niet geborsteld wordt, zal snel klitten krijgen. Zitten er veel klitten in de vacht van de hond, dan is het voor ons bijna onmogelijk om er een leuk model van te maken en is er vaak nog maar één oplossing mogelijk: kaal scheren! Daarvoor heeft u toch niet dat leuke hondje aangeschaft. Voor de trimmer is kaal scheren ook geen leuke bezigheid. Wij willen graag samen met de eigenaar er voor zorgen dat de hond er zo goed mogelijk uit ziet.

Hoe vaak moeten honden naar een trimsalon?
Hoe vaak een hond moet worden getrimd, is heel verschillend en afhankelijk van de vacht. Maar om u toch een idee te geven:

  • Ruwharige vachten twee tot vier maal per jaar
  • Spanielvachten vier tot zes maal per jaar
  • Poedelvachten vier tot acht maal per jaar


Puppywenning 
Je kunt een hond niet vroeg genoeg leren om bij een trimster op tafel te staan. Hierdoor wordt het trimmen van de hond gedurende zijn leven een stuk makkelijker. Zowel voor de hond als voor de trimster, maar ook de eigenaar zal merken dat het verzorgen van de vacht makkelijker gaat. Vanaf de leeftijd van ongeveer drie maanden zijn de meeste honden aan hun eerste trimbeurt toe. De bedoeling van puppywenning is precies zoals je het noemt. De pup went aan: op de trimtafel staan, in bad gaan, nageltjes knippen, oortjes controleren en alles wat er bij een trimbeurt van het ras hoort. Hierdoor zal de hond het niet eng vinden om naar de salon te moeten. Tijdens de puppywenning kunt u van alles vragen, hierdoor kan de vachtverzorging thuis ook erg leuk worden, zowel voor u als voor uw hond. Neem contact met ons op wanneer u belangstelling heeft om gratis en vrijblijvend langs te komen, om samen met uw puppy kennis te maken met de trimsalon.


Angstige en agressieve honden
 Angstige en agressieve honden zijn ook welkom in onze trimsalon! Onze ervaring is inmiddels dat badderen, knippen of scheren ook zonder pilletje van de dierenarts mogelijk is. Het kost tijd en geduld, maar veel honden kunnen dan toch zonder allerlei toestanden verzorgt en behandeld worden, eventueel met behulp van een snuitband. Zou u zo vriendelijk willen zijn alvorens de afspraak door te geven of uw hond angstig of agressief is? Dan kunnen wij daar, vóórdat de behandeling plaatsvindt, al rekening mee houden.